Ed Wubbe in gesprek met Maarten Bos over 'Rosary'

"De mensen die in Rosary ronddolen zijn in hun stemming von himmelhochjauchzend bis zum Toden betrübt, en dat in één ogenblik. Er zit maar geen klare lijn in wat ze doen, het is verward en chaotisch."

"Momenten van desoriëntatie en onthechting zoek ik in Rosary. Constant verdwalen en ieder ingeslagen pad na drie schreden al weer verlaten. Geen richting maar wel haast, opgejaagd door te veel indrukken en impulsen. Terugvallen, en dat letterlijk.
Vanuit die gedachte paste de muziek van Schuberts befaamde strijkkwintet naadloos bij wat ik wilde. Het is alsof die muziek ons een reis in de ziel laat maken, waarin Schubert zowel de meest paradijselijke plekken bezoekt als de diepste, donkerste afgronden in durft te kijken, en de diverse stemmingslandschappen daartussenin."

Dubbelzinnigheid
"Zoals in deze muziek Schubert in een en hetzelfde deel de stemming om kan laten slaan is werkelijk verpletterend. Als een ruimte waarin een gehele zielswereld is samengevat. Maar in zijn architectuur zitten ook brede, lange zicht-lijnen en oneindige doorkijkjes. De muziek is constant enorm ruimtelijk, en daarbinnen kan je als choreograaf je eigen bakens zetten, je structuren bepalen.
Bovendien is er in ieder stemmingsbeeld dat Schubert neerzet vaak een vreemde dubbelzinnigheid die me enorm aantrekt. Zo vrolijk en boertig-lichtvoetig dat derde deel ook is, op de een of andere manier hoor je het onheil van het andante erin al naderen. Er klopt iets niet aan die joviale vrolijkheid, dat hoor je en dat voel je. In het tweede deel vind je ook zo'n dubbele bodem. Temidden van die enorme
zielerust en bovenmenselijke sereniteit welt opeens een frustratie op die zeer ongewoon is, maar toch, op dat moment de luisteraar niet verbaast.
Dat was voor mij ook een basisgegeven voor de dans. Er klopt iets niet aan de mensen die er staan, en al helemaal niet aan hun onderling verband. Er wringt iets, het beeld wil maar niet kloppen. Dat is waar mijn belangstelling voor iemand overigens altijd begint, bij waar ze uit hun rol vallen, hun eigenaardigheden, afwijkingen, gebreken zo je wilt. Dat zijn de dingen die een persoonlijkheid ook identiteit en kleur geven, daar zit voor mij hun aantrekkingskracht.
Aan de oppervlakte nodigt Schuberts strijkkwintet vaak uit tot dansen. Toen ik het vierde deel, dat echt als zo'n Weens dansorkestje klinkt, opzette, sprongen en huppelden de dansers acuut in van die Weense nieuwjaarsconcert balletpasjes en standjes. Dat reikt Schubert op een dienblaadje aan, en ik zou wel gek zijn om het niet te gebruiken, zeker in een context van vervreemding en manipulatie."

Groot ensemble
"Ik heb geen seconde gedacht aan een kleine dansersbezetting, want ik wilde die muziek ruimte geven, en uit de sfeer van de salon halen, en zo koos ik voor een groot ensemble.
Die opzet dient ook als contrast met het duet 'Single manoeuvres' dat in en door de ensembledelen is gemonteerd. Dat duet, voor Keith (-Derrick Randolph) en Lottie (Charlotte Baines) was feitelijk een voorstudie voor Rosary en had dezelfde thematiek van onthechting, desoriëntatie en miscommunicatie, maar dan toegespitst op twee mensen. Veel enger dus, in beide betekenissen van het woord."

interview