Cultuurregistratie

Moeten wij na de talloze debatten, verkiezingsretoriek, peilingenterreur en analyses ook nog op deze plek aandacht schenken aan de stembusuitslag van de recente Tweede Kamerverkiezingen? Jazeker!
Nu ons staatshoofd met opvallend veel steun en begrip van columnisten, journalisten, politici en ‘ontevreden burgers’ opdracht heeft gegeven serieus te onderzoeken of er een regering is te vormen met een volksnationalistische beweging, moeten alle alarmbellen rinkelen. Temeer daar onze straten dezer dagen oranje kleuren en er dus belangrijker zaken aan de orde zijn; nu er meer dan een miljoen xenofoben extremistisch heeft gestemd en nog eens ruim een miljoen landgenoten niet stemde.

Wellicht dat de kunsten kunnen profiteren van een belangrijk programmapunt van de populaire beweging: etnische registratie. Immers, nadat de kunstsector zich door de socialistische, voormalige cultuurminister het cultuurprofijtbeginsel heeft laten aannaaien, waarmee de dociele sector zich in de handen van het grootkapitaal en de elite laat drijven en van de schouwburgen en musea kermistenten en pretpaleizen maakt, is het nu tijd voor een Code Culturele Diversiteit. Daarbij gaat het er niet om meer hooligans, kansarmen, niet-stemmers of verdwaalde politici bij de Kunsten te betrekken. Neen, het gaat over zwart en wit. Want, zo schrijft de initiatiefnemende stuurgroep:
De Code Culturele Diversiteit is een gedragscode die door de culturele sector zelf ontwikkeld wordt. Deze Code zal ambities en doelstellingen bevatten op het gebied van culturele diversiteit op het terrein van programmering, publieksbereik, samenwerkingspartners en personeels/bestuursbeleid. Verkend zal worden in hoeverre kwaliteitsbeoordeling ook onderdeel van de Code moet zijn. Gezien de relevantie en urgentie is ervoor gekozen de nadruk te leggen op etnische diversiteit. Gezien het toenemend aandeel niet-westerse allochtonen in de bevolking is culturele diversiteit een belangrijk onderwerp voor de cultuursector. Zowel voor de programmering en het publieksbereik als voor de personele en bestuurlijke samenstelling van de instellingen.
Cultuurinstellingen zullen zich in de nabije toekomst aan subsidiegevers (landelijk en lokaal) moeten verantwoorden over de inspanningen om de deelname van niet-westerse allochtonen op peil te krijgen.


Wat moet onder Culturele Diversiteit worden verstaan? Nederland ratificeerde in 2009 samen met 103 andere landen het verdrag Culturele Diversiteit van de Unesco. Deze organisatie van de Verenigde Naties gebruikt de werkterreinen onderwijs, wetenschap, cultuur en communicatie om universele waarden te ontwikkelen en de leefomstandigheden van alle mensen op de wereld te verbeteren, en zo een freedom of want, freedom of speech and expresssion, freedom of worship en freedom of fear te bereiken.
In het “Verdrag betreffende de bescherming en de bevordering van de diversiteit en vrijheid van cultuuruitingen” is vastgelegd dat cultuuruitingen niet alleen van belang zijn in het internationale economische verkeer, maar ook bovenstaande vier culturele waarden vertegenwoordigen. Wie de 35 artikelen van de ‘Convention on the Protection and Promotion of the Diversity of Cultural Expressions’ op de website van de Unesco www.unesco.org leest, kan niet anders dan vaststellen dat dit verdrag door de opvattingen van de (niet uitsluitend) populaire beweging met voeten wordt getreden.
Het is te hopen dat de discussie over de culturele waarden niet langer beperkt blijft tot het in ons land inmiddels verengde zwart wit en profijt denken en dat de kunstsector in de komende maanden feller van zich zal afbijten dan met de aandoenlijke actie ’Zet cultuur op kaart’. Wie nu, ook in de kunstsector, niet begrijpt dat wij in ons land ver in de vorige eeuw al afscheid hebben genomen van de ‘blanke monocultuur’, heeft definitief de boot gemist.

kaztor II

SpitZ 17