Choreografie: marco Goecke
muziek: Johnny Cash (Hurt, The man that comes around, We'll meet again)
De danssolo ÄFFI van vaste gastchoreograaf Marco Goecke op muziek van Johnny Cash is al sinds het korte bestaan een groot festivalsucces gebleken en staat nu ook op het Scapino repertoire. ÄFFI is onderdeel van het eerste programma van het seizoen, IT'S A BEAUTIFUL WORLD. De solo wordt vertolkt door danser Tadayoshi Kokeguchi. Tadayoshi heeft ÄFFI in februari met Marco Goecke ingestudeerd toen deze voor een week in Nederland was. Zijn eerste optreden was in de gezellig kleinschalige ambiance van de Rotterdamse wijkpodia. Voor een niet gepland optreden met ÄFFI op een prestigieus festival reisde hij in april naar Istanbul. Het was ook nog eens zijn eerste solostuk. Zijn optreden was gepland aan het eind van de avond, dus de zenuwen werden extra op de proef gesteld. Het werd een groot succes. Zijn eerste ÄFFI was een feit. Diverse optredens in binnen- en buitenland staan nu op stapel.
Hoe is het om ÄFFI te dansen?
Tadayoshi: "Voor aanvang sta je alleen voor dat grote, en bij ÄFFI ook nog donkere, toneel. Dat geeft toch wel een zeer speciaal gevoel. Zodra je op het toneel staat dan ben je in een andere wereld, de wereld van Marco Goecke en van ÄFFI. Op dat moment valt de druk weg.
ÄFFI is een typisch Goecke stuk, snel, intens, fysiek, met veel nadruk op de rug. De expressie komt puur vanuit je lichaam en niet vanuit je gezicht. De beweging en je lichaam creëren een eigen taal. In Goecke's stijl zitten altijd meerdere lagen, simpel en vrolijk en tegelijkertijd complex en beklemmend. Dat geldt ook voor de manier waarop hij muziek gebruikt. Bij ÄFFI de ruige stem van Johnny Cash. Het lijkt of het niet op de muziek gemaakt is maar het tegendeel is waar. Goecke luistert naar elk detail, naar alle instrumenten."
Het eerste stuk dat Goecke maakte voor Scapino was DER REST IST SCHWEIGEN in het programma LIMBO. Tadayoshi danste toen in WAS HAST DU GESAGT van Ed Wubbe, daardoor kon hij na de pauze vanuit de zaal meekijken.
Tadayoshi: "Meestal heb je als danser een ander beeld van een stuk dan de toeschouwer. Nu was ik zelf toeschouwer en kon ik veel leren over wat Goecke's stijl uitdrukt, hoe het overkomt. Dat heeft me geholpen bij het instuderen van ÄFFI. Maar dat is wat anders dan het stuk begrijpen. Dat gebeurt pas echt als je op toneel staat. Voor Goecke is het een heel persoonlijk stuk en toch kreeg ik veel vrijheid om het mezelf eigen te maken. Na drie optredens ben ik daar nog steeds mee bezig."
Vierendertig voorstellingen in drie maanden tijd. Hoe is het om een stuk zo vaak te dansen?
Tadayoshi: "Ik dans ze niet allemaal, Mischa van Leeuwen is ook bezig ÄFFI in te studeren, zodat we tijdens de tournee kunnen rouleren. Op zich maakt het niet uit hoeveel voorstellingen je van hetzelfde stuk danst, iedere keer opnieuw leg je de lat een stukje hoger, zoek je naar nieuwe uitdagingen. "






