Kijkcijfers, politieke barometers en marktonderzoek regeren en dirigeren voor een groot deel uw dagelijkse leven.
Ook in de podiumkunsten is er achter de schermen reeds decennia lang aandacht voor u. Sociologen, filosofen, theaterwetenschappers, politici, kunstmanagers en journalisten leggen u voortdurend onder het vergrootglas. U bent ongewild lid van een doelgroep, behoort of tot de elite of tot de massa en wordt ingedeeld in sociale klassen. Soms bent u met velen te grijs, vaak zijn te weinig onder u jong. Op uw best bent u 'divers' en als u gekleurd of immigrant bent staat daarop een premie van de overheden. Als men over u spreekt van een lichte of zware gebruiker heeft men het niet over uw lichaamsgewicht.
Alle onderzoeken, nota's, debatten en essays van de kunstbeschouwers hebben slechts één doel: het vergroten van uw participatie aan kunst en cultuur.
Marketeers mixen hun geesten leeg om u naar het theater te krijgen. Kaartjes voor de voorstellling bestelt u vanuit uw leunstoel, waarin u na het genot van een arrangement-diner vervolgens het theater wordt ingeloodst. Vóór de voorstelling kunt u horen waar het over zal gaan en in de nabespreking mag u er kond van doen dat u het heeft begrepen. En als u tijdens de voorstelling uw auto wilt laten wassen, dan is dat bespreekbaar.
De kunstinstellingen zijn creatieve en innoverende ondernemingen met een transparante en efficiënte bedrijfsvoering die verbindingen leggen met de economische en commerciële sector om uw kaartje betaalbaar te houden. (Hier spreekt de ware manager.) Hoewel u of uw kinderen nog niet studeren aan de Dommelsch Universiteit en u het vreemd zou vinden om in de Volvo Operatiekamer van uw kwalen te worden verlost, vindt u het de normaalste zaak van de wereld dat u al dat fraais op het theaterpodium geniet vanuit het pluche van de Douwe Egbertszaal en uw pauzewijntje nuttigt in de Shellfoyer.
Tot zover zijn de P's van de marketingmix, prijs, plaats en promotie, die u willen verleiden om meer van uw vrije tijd in het theater door te brengen dik in orde. Met de vierde P, het product, de voorstelling, dus daar waar het allemaal om draait in het theater, ligt het iets ingewikkelder. De kenmerken en eigenschappen van een goed product behoren volledig te zijn afgestemd op uw wensen. Voor wat betreft het merk, laten we zeggen 'Scapino', en de kwaliteit, topdansers en -choreografen, wordt u op maat bediend. Maar wát u wilt zien, daarin komt de kunstenaar u niet tegemoet. Het is niet onaardig bedoeld, maar in uw smaak zijn de kunstenaars per definitie niet geïnteresseerd. Zij heten autonoom te zijn, maar willen u tegelijkertijd wel ontroeren, raken, verrassen, aan het denken zetten of op de kast jagen. En vanwege het schrikbeeld en mogelijke risico dat u dat op een dag niet meer wilt en het theater massaal de rug toekeert, produceren de eerdergenoemde kunstbeschouwers stapels nota's met hersenbrekende analyses die u bij de les moeten houden.
Er moest een kunstenaar aan te pas komen om de essentie van uw rol in het levend en levendig houden van de kunsten treffend samen te vatten. Kurt Tucholsky richtte zich in 1931, ver vóór de tijd dat de televisie en de minder begaafde nazaat, de commerciële televisie uw nieuwe gemeenschappelijke referentiekader werden, direct tot u met een waarschuwing in het satirische gedicht 'An das Publikum', dat door Dorine van der Klei in 1982 meesterlijk werd vertaald.
"aan het publiek"
Hooggeëerd publiek, ach kom
ben je werkelijk zo dom?
Zo dom als alle hoge heren
onophoudelijk beweren?
Iedere directeur met zijn dikke derrière
beweert: het publiek wil geen misère.
Iedere filmvogel vraagt: "Wat wil het publiek?
Het publiek wil suikerzoete romantiek!"
Iedere uitgever haalt zijn schouders op en zegt:
"goede boeken lopen slecht"
Zeg es, geacht publiek, ach kom,
ben je werkelijk zo dom?
Zo dom dat in de kranten vroeg en laat,
helemaal niets meer geschreven staat?
Uit louter angst je te bezeren
uit louter vrees iemand te blesseren,
uit louter bezorgdheid dat Muller en Cohen
hun bestelling zouden afzeggen.
Uit bangheid dat van de talloze rijke commiezen
er één zijn baantje zou verliezen,
en dat je zou protesteren en demonstreren
en rebelleren en procederen...
Zeg es, geacht publiek, ach kom,
ben je werkelijk zo dom?
Ja dan...
er rust op deze tijd
een vloek van middelmatigheid.
Heb je zo een zwakke maag
dat je de waarheid niet verdraagt?
Ben je gewoon een allesvreter?
Ja dan...
Ja dan verdien je ook niet beter.
Kaztor II





