Gastchoreograaf

Hans Tuerlings

TWOOLS at the Opera (2010)
‘Tous les jours, a tous points de vue, on va de mieux en mieux’ (2007) (2009)

Hans Tuerlings begon zijn opleiding op de afdeling dans van het Brabants Conservatorium. Daar bleken zijn minimale belangstelling voor het reguliere lesprogramma en zijn tegendraadse ideeën over dans algauw aanleiding tot conflict. Hij zocht zijn heil op de Rotterdamse Dansacademie waar Lucas Hoving als geen ander ruimte wist te maken voor jonge honden.
Onder de onconventionele leiding van Hoving vond Tuerlings weerklank voor zijn ideeën, kreeg hij de steun om ze uit te werken en begon hij te begrijpen waar hij al die tijd naar gezocht had. Na een jaar als danser verbonden te zijn geweest aan het Penta theater wist hij het zeker: hij was geen danser, wel choreograaf.

In 1975 kreeg hij zijn eerste officiële choreografie-opdracht van het toenmalige ministerie van CRM en maakte Koffie voor vijf, een choreografie die meteen opviel door eenvoud en transparantie in beweging en beeld. Hier was een choreograaf aan het werk die esthetische zeggingskracht van zijn kunst zwaarder liet wegen dan de verbluffende virtuositeit van de danser. De dansers met wie hij werkte, waren mensen met een hart en een ziel en een eigen manier van bewegen die er hoe dan ook toe deed. En ook Tuerlings wilde niets liever dan zijn eigen weg vinden.

Vanaf het begin loopt zijn hartstochtelijke liefde voor Italië als een rode draad door zijn werk, wat onder andere zijn weerslag kreeg in de titels van zijn stukken (bv. Tutto liscio, Scassapaghiara, Nessuno o tutti). En toen talloze collega's danskunstenaars begin jaren zeventig naar Amerika trokken om hun licht op te doen bij Cunningham en Graham bleef hij weloverwogen thuis, in Rotterdam.
Zijn talent was opgemerkt door Kathy Gosschalk, artistiek leidster van Werkcentrum Dans (later Rotterdamse Dansgroep, nu Dance Works Rotterdam o.l.v. Ton Simons), waar hij tussen 1976 en 1981 zijn stukken zou maken, onder andere de hit Om los te lopen.

In diezelfde tijd maakte hij ook werk voor Nederlands Danstheater en Scapino Ballet. Maar zijn dans liet zich niet in het keurslijf dwingen van dergelijke gevestigde ordes. De onverwachte vallen, groteske sprongen, abrupte vertragingen en snelle bizarre wendingen uit deze beginperiode werden menigmaal geïnterpreteerd als parodie op de bestaande danscultuur. En het duurde niet lang of hij werd geafficheerd als 'de gepatenteerde grapjas van de Nederlandse danskunst'.
Alhoewel het thema 'kijken naar dans' nooit helemaal uit zijn werk zal verdwijnen, en bij tijd en wijle weer expliciet de kop op steekt, maakte het commentaar op uiterlijkheden gaandeweg plaats voor een grotere betrokkenheid bij de inhoudelijke impact van beeld en beweging. Steeds verder begaf Tuerlings zich op het spanningsveld tussen dans en theater, op weg naar balans tussen anekdote en abstractie.

In veel opzichten is Tuerlings een voorloper in tendensen die zich pas jaren later bewijzen en doorzetten. Zo was hij binnen de dans een van de eersten die met teksten werkte (al in Koffie voor vijf in 1975 werd gesproken), die de dans haar zelfstandigheid naast de muziek liet bevechten en tot samenwerking kwam met een toneelregisseur (Frans Marijnen, Wasteland, Ro-theater 1981).

In de jaren tachtig was hij degene die uitvoerig de kwaliteiten van amateurdansers onderzocht en het werken met hen vleugels gaf. In de loop der jaren ontwikkelde hij een heel uitgesproken en herkenbare vorm van danstheater waarin al deze onderzoekingen samenkomen en evolueren.

Waar hij ook werkte, werk van Tuerlings bleef onmiskenbaar werk van Tuerlings.

Als freelancer maakte hij na de Rotterdamse periode voor een aantal gezelschappen meerdere stukken op een rij. Tussen 1981 en 1990 maakte hij onder andere werk voor Intro Dans, Bart Stuyf, Reflex, De Voorziening en Nationaal Fonds. De drang om met een eigen gezelschap zijn ideeën vorm te geven werd allengs sterker. In 1990 richt hij op verzoek verzoek van rijk en provincie Noord-Brabant een gezelschap op.

 

Producties van Hans Tuerlings voor 1990

1975
1. Koffie voor vijf (opdracht C.R.M.)

1976
1. Nobody cares about the railroad anymore - Werkcentrum Dans
2. Twee Avonden - Werkcentrum Dans
3. Om Los Te Lopen - Werkcentrum Dans
4. Koffie voor vijf - Scapino Ballet

1977
1. Harem - Werkcentrum Dans
2. Populaire Klassieken - Werkcentrum Dans
3. Een Aardigheidje - Werkcentrum Dans
4. Masquerade - Scapino Ballet

1978
1. Tutto Liscio - Nederlands Danstheater
2. Drie Liefdes - Werkcentrum Dans
3. Scorza i Banana - Werkcentrum Dans
4. Suske en Wiske - Werkcentrum Dans

1979
1. De Truk Met De Kist - Nederlands Danstheater
2. Tutto Liscio (herinstudering) - Werkcentrum Dans
3. Chris (Holland Festival) - Werkcentrum Dans & Bodybuilders

1980
1. Wasteland (met Frans Marijnen)- Ro theater & Werkcentrum Dans
2. Waltzing Mathilda - Scapino Ballet
3. Quaquaraqua - Werkcentrum Dans
4. Om los te lopen (herinstudering) - Kibbutz Dance Compagny
5. ETC - Kibbutz Dance Compagny

1981
1. Zweth - Intro Dans
2. Tutto Liscio (herinstudering) - Scapino Ballet
3. UHM UHM - Werkcentrum Dans
4. De Slungels - M. Waisvisc & L. de Boer

1982
1. P.M. (Holland Festival) - Werkcentrum Dans & RO-Theater
2. Scassapagghiara - Intro Dans

1983
1. Vertchou - Werkcentrum Dans
2. Wie vermoordde Richard Wagener - STIFT (regie & choreografie)

1984
1. Boulevard - Multi Medea Bart Stuyf
2. Sirenetta, of de kleine zeemeermin - Intro Dans (idee, tekst, regie & choreografie)

1985
1. "Sodemieter op, Wat!" - Amateurproduktie Theater de Engelenbak.
2. "Keetje Baba en de Tijdrovers" - Cees Brandt. (idee, tekst & regie)

1986
1. Piet Hutten - Sodemieter Op (idee, tekst, regie & choreografie)
2. Romeo & Julia (met Rufus Collins) - Amateurproduktie Theater de Engelenbak (choreografie & regie)
3. Om los te lopen (herinstudering) - Werkcentrum Dans
4. Nessuno o Tutti - Reflex
5. Acte sans Paroles (S. Beckett) - Cees Brandt (regie)

1987
1. Toen puntje bij paaltje kwam - Cees Brandt (idee, tekst, regie & choreografie)
2. Twee Dingen - Coproduktie Dansend Hart en Stadsschouwburg Utrecht

3. De Kinderen Hutten (met P. Tuerlings) - Sodemieter Op

1988
1. A Noeud Coulant! - Reflex
2. The Mandarina Day - De Rotterdamse Dansgroep

1989
1. I 'm a Hotel - Reflex
2. Bedrog (H.Pinter) - Voorziening, Groningen
3. BAM (Holland Festival) - (met P. Tuerlings)
4. De Plicht (met Annemarie Prins) - De Salon, De Theaterunie

1990
1. Vue Perspective Intérieure Coloriée - Nationaal Fonds
2. Kataloog - Compagny Peter Bulcaen
3. Hangen in Karton - Reflex

producties met Raz:

1990 Razbliuto
1991 Sacre du Printemps
1991 100.000CC
1992 Spel zonder Woorden
1992 De Reis
1992 PM de Voorstelling
1993 De Reis 3
1994 Daniel and the Dancers
1994 You See
1994 Mooi & Lelijk
1995 De Reis 2
1996 Ik ga zei zij waarheen zei hij
1996 De Reis 4
1997 Spel zonder Woorden: Het Wederbaren
1997 Bagno Blu
1998 La Porta
1998 Oblio
1999 ...delle Reliquie
1999 Laub/Tuerlings
2000 Mappamondo
2001 Zambracca
2001 il Piccolo David
2001 Oratorio
2002 Angelo senza Angelo
2002 Schifamondo
2003 100.000 CC / Spel zonder Woorden
2003 De Roos
2003 Monco
2004 Nieuwe Blijdschap
2005 ...in Vlie-Vliegjes
2005 Vrolijke Opvattingen
2006 Wensloos Gelukkig

prijzen:
1e prijs Internationale Choreografieconcours Groningen 1989
nominatie Nederlandse Choreografie prijs 1990 VSCD
Nederlandse Choreografieprijs 2000 VSCD
nominatie zwaan beste dansproductie 2005 VSCD
Dansprijs 2006 Prins Bernhard Cultuurfonds Noord Brabant

080707002931_457

Hans Teurlings

120111185805_2430

Mischa van Leeuwen, Sherida Lie & Mitchell-lee van Rooij

in TWOOLS at the Opera
120111190420_972

v.l.n.r. Ryan Lawrence, Bryndis Brynjolfsdottir, Véronique Prins, Joaquim De Santana, Ralitza Malehounova, Melanie Oger, Mischa van Leeuwen

in ‘ Tous les jours, a tous points de vue, on va de mieux en mieux’